Het verzoek tot plaatsing van een burgerinitiatief op de
agenda van de vergadering van de raad wordt schriftelijk
ingediend bij de voorzitter van de raad. Formulieren voor
indiening van een burgerinitiatief zijn bij de griffie
verkrijgbaar en kunnen – na invulling – weer bij diezelfde
griffie worden ingediend. De griffie zal de initiatiefnemer
gedurende de verdere procedure adviseren en begeleiden.
Het verzoek bevat ten minste:
een nauwkeurige omschrijving van het burgerinitiatief;
een toelichting op het burgerinitiatief, en
de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum en de
handtekening(en) van de initiatiefnemer(s).
Voor de indiening van het verzoek wordt gebruik gemaakt van
het in bijlage 1 van deze verordening opgenomen model.
Het verzoek gaat vergezeld van een lijst met 50 namen,
adressen, geboortedata en handtekeningen van 50
verschillende initiatiefgerechtigden die het initiatief
ondersteunen.
Indien er meerdere rechtsgeldige initiatieven zijn over
hetzelfde onderwerp, zullen dergelijke initiatieven
gezamenlijk geagendeerd worden.
Toelichting
Het ligt voor de hand om het burgerinitiatief bij de voorzitter van de raad
te laten indienen. Zolang de burgemeester nog voorzitter van de raad is,
ontvangt hij in die hoedanigheid de voorstellen. Om de voortgang van het
burgerinitiatief ordelijk te laten verlopen, is het onvermijdelijk dat aan
het verzoek een aantal minimumeisen wordt gesteld. Het is uit praktische
overwegingen zoals uniformiteit, overzichtelijkheid en duidelijkheid
raadzaam, dat indiening van een burgerinitiatief plaatsvindt door middel van
een standaardformulier. Op dit formulier zal de initiatiefnemer naast het
voorstel en een toelichting in ieder geval zijn personalia moeten aangeven.
Ter voorkoming van fraude met namen kan gevraagd worden naar personalia,
zoals adressen en geboortedata. Op grond van deze gegevens kan de gemeente
onderzoeken of het initiatief de steun van voldoende daartoe gerechtigde
personen heeft. Zie het voorbeeld "Verzoek Burgerinitiatief" in
bijlage1. Er dient gebruik gemaakt te
worden van een lijst met de voornamen, achternamen, adressen, geboortedata
en handtekeningen van tenminste 50 (aantal) initiatiefgerechtigden die het
verzoek ondersteunen. Zo is er enerzijds het voorbeeld van Amersfoort waar
één persoon een voorstel kan indienen en ondersteunende handtekeningen niet
nodig zijn. Argumenten vóór: het gaat om laagdrempeligheid en om de
kwaliteit (niet kwantiteit) van het initiatief. Argument tegen: het
(theoretische) risico dat de raad overspoeld kan worden door individuele
initiatieven die hij moet agenderen. Daarnaast is er het risico van meerdere
initiatieven over hetzelfde onderwerp. In dit geval zou de raad een bepaling
kunnen opnemen dat hij dergelijke initiatieven, niet afzonderlijk, maar
gezamenlijk agendeert / behandelt. In de praktijk is gebleken, dat van een
toevloed niet of nauwelijks sprake is. Anderzijds is er het voorbeeld van de
gemeente Heerlen, die onderscheid maakt tussen initiatieven die betrekking
hebben op een buurt of subbuurt en initiatieven die een gemeentebreed
karakter dragen. Het laatste type initiatieven dient door een bepaald
percentage verzoekgerechtigden ondersteund te worden. Voor "buurt of
subbuurt initiatieven" gelden in Heerlen verschillende percentages,
afhankelijk van de omvang van het aantal verzoekgerechtigden in de betrokken
buurt of subbuurt.