Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7 › Afdeling 7.2

Artikel 7.2.10

Voor zover de kosten gemaakt zijn voorafgaand aan het moment van beschikken (artikel 2 lid 3 onder h)

Onderdeel van Beleidsregels (verstrekkingenboek) voorzieningen en maatschappelijke ondersteuning gemeente Bronckhorst 2007

Dit wil zeggen: het is een aanvrager niet toegestaan een gemeente voor een fait accompli te stellen waarbij de gemeente geen invloed meer kan uitoefenen op de te verstrekken voorziening. Met andere woorden: wie een voorziening aanschaft en daarna aanvraagt, loopt de kans op een afwijzing. Uit de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep blijkt dat deze regel niet zonder meer mag worden toegepast. De Centrale Raad gaat er van uit dat de regel bedoeld is om controle achteraf mogelijk te maken. Bij een oningaanpassing zou na een verbouwing bijvoorbeeld niet meer vastgesteld kunnen worden of er een goedkoper alternatief heeft bestaan. Dat heeft tot consequentie dat indien achteraf toch nog gecontroleerd kan worden wat de goedkoopst - adequate oplossing was, een afwijzing achterwege moet blijven. Uiteraard kan dan wel de goedkoops t- adequate voorziening verstrekt worden, ook al is de aangeschafte voorziening aanzienlijk duurder. Dat is dan de consequentie voor de aanvrager die voor de beschikking zelf iets heeft aangeschaft.

Rechtspraak bij dit artikel