Voor zover deze verordening betrekking heeft op beschermde gemeentelijke monumenten treedt zij onder toepassing van artikel 25 van de Tijdelijke referendumwet in werking op 1 januari 2004.
De monumentenverordening, vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad van 23 april 1991, nr 91-89, voor zover het betreft bepalingen over gemeentelijke monumenten, wordt ingetrokken op 1 januari 2004.
Voor zover deze verordening betrekking heeft op beschermde rijksmonumenten, treedt zij in werking overeenkomstig het bepaalde in artikel 15, tweede lid, van de Monumentenwet 1988.
De Verordening tot regeling van de bevoegdheden en samenstelling van de vaste commissie van advies en bijstand inzake de monumentenzorg, vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad van 9 maart 1982, nr 82-76, wordt ingetrokken op 1 januari 2004.
De monumentenverordening, vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad van 23 april 1991, nr 91-89, voor zover het betreft bepalingen over beschermde rijksmonumenten, wordt ingetrokken op de datum waarop het derde lid toepassing vindt.
De op grond van de ingevolge het tweede lid vervallen verordening geregistreerde beschermde gemeentelijke monumenten worden geacht aangewezen te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.
De beschermde gemeentelijke monumenten, geregistreerd op de monumentenlijst van de ingevolge het tweede lid genoemde ingetrokken verordening, worden geacht geregistreerd te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.
Lopende procedures die beogen dat monumenten en/of stads- en dorpsgezichten worden geplaatst op de gemeentelijke monumentenlijst of de gemeentelijke lijst van beschermde stads- en dorpsgezichten worden geacht te zijn gevoerd overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.
Aanvragen om vergunning die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van deze verordening, worden afgehandeld met inachtneming van de bepalingen van deze verordening, tenzij de verzoeker door de bepalingen van deze verordening ten opzichte van de Monumentenverordening van de gemeente Barneveld nadeel ondervindt. In dat geval blijft de die verordening op het betreffende verzoek van toepassing totdat de beslissing daarop onherroepelijk is.