Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begripsomschrijving

Onderdeel van Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand

1. Wet: de Wet werk en bijstand, onderscheidenlijk de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen. 2. Uitkeringsgerechtigde: degene, die algemene bijstand ontvangt op grond van de wet. 3. Niet-uitkeringsgerechtigde: de persoon, jonger dan 65 jaar, die als werkloze werkzoekende staat geregistreerd bij de Centrale organisatie werk en inkomen en die geen recht heeft op een uitkering op grond van de wet, de Werkloosheidswet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Toeslagenwet, de Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria, de Algemene nabestaandenwet dan wel op grond van een regeling, die met deze wetten naar aard en strekking overeenstemt (artikel 6, sub a van de wet); 4. Cliënten: de sub b en c van dit artikel bedoelde persoon, alsmede degene die een uitkering ontvangt op grond van de Algemene nabestaandenwet. 5. Vertegenwoordiger: afgevaardigde van een maatschappelijke instelling of belangenorganisatie die direct of indirect deel uit maakt van het dagelijkse leven van de cliënt. 6. College: burgemeester en wethouders.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel