Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 1

Artikel 13

De agenda

Onderdeel van Verordening op de raadscommissie

1.. Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stellen de voorzitter en de griffier de voorlopige agenda van de vergadering vast. 2.. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering een aanvullende agenda opstellen. 3.. Bij het begin van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. 4.. Wanneer de raadscommissie een onderwerp of een voorstel onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het College of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De raadscommissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. 5.. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadcommissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.

Rechtspraak bij dit artikel