In deze verordening wordt verstaan onder
minister: de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen;
wet: Wijziging van de Wet op het basisonderwijs, de Interimwet op het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs, alsmede de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met de decentralisatie van de huisvestingsvoorzieningen (Stb. 1996, nr. 402);
bevoegd gezag: bevoegd gezag van een volgens de Wet op het basisonderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs bekostigde openbare of bijzondere school, die geheel of gedeeltelijk gehuisvest is in een gebouw dat zich bevindt op het grondgebied van de gemeente;
school: school voor basisonderwijs, school voor algemeen voortgezet onderwijs.
nevenvestiging: deel van een school dat door de minister ingevolge artikel 63b van de Wet op het basisonderwijs en artikel 75 van de Wet op het voortgezet onderwijs voor bekostiging in aanmerking is gebracht;
voorziening: een van de voorzieningen in de huisvesting als bedoeld in artikel 2 van deze verordening;
programma: het programma als bedoeld in artikel 12 van deze verordening;
overzicht: het overzicht van de niet in het kader van de vaststelling van het programma ingewilligde aanvragen als bedoeld in artikel 13 van deze verordening;
aanvrager: het bevoegd gezag dat een aanvraag voor vergoeding van een voorziening heeft ingediend;
aanvraag: verzoek om vergoeding van een voorziening;
voor blijvend gebruik bestemde voorziening: voorziening in de huisvesting die, volgens de uitkomst van de prognose als bedoeld in bijlage II van deze verordening, 15 jaren of langer noodzakelijk is;
voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening: voorziening in de huisvesting die, volgens de uitkomst van de prognose als bedoeld in bijlage II van deze verordening, niet langer dan 15 jaren noodzakelijk is;
permanent gebouw: schoolgebouw dat door de keuze van het ontwerp en de aard van de constructie en materialen ten minste 60 jaren als volwaardige huisvesting voor het onderwijs kan functioneren;
noodlokaal: verplaatsbare ruimte die door de keuze van het ontwerp en de aard van de constructie en materialen ten minste 15 jaren als volwaardige huisvesting voor het onderwijs kan functioneren;
gymnastiek-ruimte: ruimte die geschikt is voor het onderwijs in lichamelijke oefening;
advies Onderwijsraad: een advies van de Onderwijsraad over de vaststelling van het programma in relatie tot de vrijheid van richting en de vrijheid van inrichting, als bedoeld in artikel 69, negende lid van de Wet op het basisonderwijs en artikel 76f, negende lid van de Wet op het voortgezet onderwijs;
verhuur: het gebruik van een onderwijsgebouw door derden, niet zijnde onder- wij sgebruilc of gebruik ten behoeve van culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden.
gezamenlijke akte: de akte als bedoeld in artikel 84, eerste lid Wet op het basisonderwijs en artikel 76u, eerste lid Wet op het voortgezet onderwijs;
beslissing gedeputeerde staten: de beslissing van gedeputeerde staten in een geschil als bedoeld in artikel 84, tweede lid Wet op het basisonderwijs, en artikel 76u, tweede lid Wet op het voortgezet onderwijs;
eigendomsoverdracht: de eigendomsoverdracht als bedoeld in artikel 84, vierde lid Wet op het basisonderwijs, en artikel 76u, vierde lid Wet op het voortgezet onderwijs.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente VLIELAND