1 De belasting als bedoeld in artikel 2 wordt geheven van degene die één of
meer voorwerpen heeft onder, op of boven de voor openbare dienst bestemde
gemeentegrond, dan wel van degene ten behoeve van wie die voorwerpen onder,
op of boven -voor de openbare dienst bestemde- gemeentegrond worden
aangetroffen.
2 Ingeval van vergunningverlening wordt de belasting voor het hebben van
voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond
geheven van degene, aan wie de daartoe vereiste vergunning is verleend of
van de opvolger in de vergunning.
3 Onder de in de vorige leden bedoelde belastingplichtige wordt mede
begrepen
a. degene wiens werken in, onder of op openbare grond defect zijn geraakt
waardoor zonken of gaten zijn ontstaan, waardoor de bestrating of de
wegbedekking hersteld moet worden, tenzij dit defect is veroorzaakt door
schuld of nalatigheid van derden;
b. degene door wiens schuld of nalatigheid de onder sub a bedoelde
beschadiging is ontstaan, als gevolg waarvan herstelwerkzaamheden zijn
uitgevoerd.
Artikel 3
Belastingplicht
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011