Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Benoeming leden

Onderdeel van Verordening op de rekenkamercommissie

1.. De raad benoemt de leden van de rekenkamercommissie uit externen. 2.. De leden worden voor een periode van zes jaar aangewezen. 3.. De rekenkamercommissie benoemt de voorzitter. De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de commissie, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitgangspunten en werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. De voorzitter voert hiertoe regelmatig overleg met de onderzoekers en met het secretariaat. Bij ontstentenis van de voorzitter treedt het langstzittende lid op als voorzitter. 4.. Voorafgaand aan de benoeming van de voorzitter en de overige leden van de rekenkamercommissie pleegt de raad overleg met de rekenkamercommissie. 5.. De raad kan besluiten de continuïteit van de rekenkamercommissie te waarborgen en expertise op te bouwen door benoeming van plaatsvervangende leden. Ten aanzien van de werkwijze bepaalt de rekenkamercommissie in het Reglement van orde als bedoeld in artikel 8 de werkwijze met betrekking tot de plaatsvervangende leden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel