Terug- en invorderingen worden bij beschikking aan de belanghebbende kenbaar gemaakt. Belanghebbende wordt in de beschikking verzocht binnen zes weken de vordering volledig te betalen of een (minnelijke) betalingsregeling te treffen.
Als de debiteur een betalingsregeling wil treffen zal hij zijn voorstel moeten onderbouwen aan de hand van zijn persoonlijke en fi-nanciële situatie. Deze gegevens vormen de basis voor een draagkrachtberekening en het vast-stellen van de periodieke (meestal maandelijkse) aflossing. Voor de berekeningswijze van de periodieke aflossing wordt het systeem van de Tremanormen gehanteerd. Als de debiteur niet voldoet aan het verzoek tot volledige betaling of het treffen van een betalingsregeling dan wordt door de afdeling een aanmaning verzonden. In de aanmaning moet de debiteur een termijn van twee weken worden gegeven om aan de betalingsverplichtingen te voldoen.
Wordt ook hier niet aan voldaan, dan volgt een dwangbevel. Een dwangbevel is niet nodig als er verrekend kan worden.
Bij verrekening en beslag wordt de inhouding zodanig vastgesteld dat de debiteur blijft beschikken over een inkomen gelijk aan de beslagvrije voet. De beslagvrije voet geldt niet voor verrekening van bijstand als er niet wordt voldaan aan de inlichtingenplicht naar het onderzoek van de terugvordering.
Vermogen (waaronder het bescheiden vrij te laten vermogen op grond van de Wet werk en ijstand) wordt bij de invordering niet buiten beschouwing gelaten.
Hoofdstuk 2.0
Artikel 2.1
Terug- en invorderingen
Onderdeel van Heronderzoekplan 2010 gemeente Ooststellingwerf