**1.** Alle begrippen, die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
**2.** a
aanbod:
het aanbod van het college aan de belanghebbende voor ondersteuning bij de arbeidsinschakeling en/of van een participatievoorziening;
b
algemeen geaccepteerde arbeid:
alle algemeen maatschappelijk aanvaarde arbeid, zonder beperkende voorwaarden qua aard en omvang van het werk of aansluiting op opleiding en ervaring, niet zijnde werk in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW);
c
anw-er:
de persoon met een uitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet en die als werkzoekende staat ingeschreven bij het UWV-Werkbedrijf;
d
arbeidsinschakeling:
het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een voorziening als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a van de WWB;
e
Awb
Algemene wet bestuursrecht
f
bijstandsgerechtigde:
de persoon van 27 tot 65 jaar met een uitkering op grond van de WWB;
g
college:
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ooststellingwerf;
h
IOAW:
de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
i
IOAZ:
de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
j
nugger:
de niet uitkeringsgerechtigde als bedoeld in artikel 6, onder a van de WWB;
k
ondersteuning:
hulp van het college, gericht op arbeidsinschakeling, als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a van de WWB;
l
participatievoorziening:
een opleiding, educatie, taalkennisvoorziening, re-integratievoorziening, sociale activering of een combinatie van voorzieningen;
m
raad:
de gemeenteraad of raadscommissie van de gemeente Ooststellingwerf;
n
re-integratievoorziening:
een voorziening, waaronder sociale activering, gericht op arbeidsinschakeling, als bedoeld in artikel 7, eerste lid onder a van de WWB;
o
sociale activering:
het verrichten van onbeloonde maatschappelijk zinvolle activiteiten gericht op arbeidsinschakeling of, als arbeidsinschakeling nog niet mogelijk is, op zelfstandige maatschappelijke participatie, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel c, van de WWB;
p
startkwalificatie:
een diploma van een opleiding als bedoeld in artikel 7.2.2., eerste lid, onderdelen b tot en met e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of een diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs of voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7, onderscheidenlijk 8 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
q
uitkeringsgerechtigde:
de persoon van 27 tot 65 jaar met een uitkering op grond van de WWB, IOAW of IOAZ;
r
UWV:
Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen;
s
UWV-Werkbedrijf:
het werkbedrijf van het UWV, waar de belanghebbende is geregistreerd als werkzoekende;
t
voorzieningen:
voorzieningen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, van de WWB;
u
Web
Wet educatie en beroepsonderwijs;
v
Wet participatiebudget:
Wet tot bundeling van het WWB-werkdeel, budgetten voor inburgeringsvoorzieningen en de middelen voor volwasseneneducatie;
w
werknemer in gesubsidieerde arbeid:
de persoon als bedoeld in artikel 10, tweede lid van de WWB;
x
WWB:
Wet werk en bijstand;
y
Wet SUWI:
Wet Structuur Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen.