1.Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of tweede
lid, van de wet schriftelijk.
Het aanbod wordt gezonden naar het adres waar de inburgeringsplichtige
in de gemeentelijke
basisadministratie persoonsgegevens is ingeschreven;
2.In het aanbod wordt een omschrijving gegeven van de voorziening die
wordt aangeboden en
worden de rechten en verplichtingen vermeld die aan de voorziening
worden verbonden;
3.De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt binnen
twee weken het college
schriftelijk mee of hij het aanbod al dan niet aanvaardt;
4.Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt, neemt het
college binnen vier weken
na ontvangst van deze mededeling het besluit tot toekenning van de
voorziening,
overeenkomstig het gedane aanbod.
Hoofdstuk 2.
Artikel 5
De procedure van het doen van een aanbod
Onderdeel van Verordening Wet inburgering