Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Taken van de vertrouwenspersoon

Onderdeel van Verordening klachtenregeling seksuele intimidatie

1.. De vertrouwenspersoon heeft de volgende taken: na ontvangst van een klacht de klager direct bij te staan en van advies te dienen; door bemiddeling te trachten tot een oplossing van de gesignaleerde problemen te komen; de klager op diens verzoek te ondersteunen bij het indienen van een klacht bij de klachtencommissie; voor zover nodig en gewenst, betrokkene te verwijzen naar gespecialiseerde hulpverleningsinstanties; wanneer er sprake is van een vermoedelijk strafbaar feit, de klager te wijzen op de mogelijkheid van strafrechtelijke stappen en te begeleiden ingeval van aangifte; het onderhouden van contact met de klager om te bezien of het indienen van de klacht niet leidt tot repercussies voor de klager en om te bezien of, nadat de klacht is afgehandeld, de aanleiding van de klacht daadwerkelijk is weggenomen; het registreren van de aard en de omvang van de klachten die overeenkomstig het bepaalde in artikel 2, eerste lid, bij de vertrouwenspersoon zijn ingediend; het verzorgen van voorlichting over seksuele intimidatie aan medewerkers; het jaarlijks schriftelijk verslag uitbrengen aan het bestuursorgaan over de werkzaamheden van de vertrouwenspersoon. 2.. De vertrouwenspersoon onderneemt geen stappen zonder toestemming van de klager, behoudens het gestelde in artikel 5, lid 3 van deze verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel