Naar hoofdinhoud
1. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten als bedoeld in de artikelen 31 en 36 van de Asv die gericht zijn op projecten ter oprichting van een aardgas-afleverinstallatie die voldoen aan de volgende eisen: er wordt een aardgas-afleverinstallatie opgericht voor het afleveren van aardgas ten behoeve van de openbare verkoop voor motorvoertuigen voor het wegverkeer; de aardgas-afleverinstallatie dient ten minste te zijn voorzien van een NGV1 koppeling. Het aflevertoestel dient eenvoudig bereikbaar en bedienbaar te zijn voor zowel voertuigen met een vulopening aan de linker- als aan de rechterzijde; de aardgas-afleverinstallatie accepteert alle reguliere betaalwijzen waaronder internationale bankpassen en creditcards; de aardgas-afleverinstallatie én de benodigde gas- en elektra-aansluiting dient, eventueel door toekomstige uitbreiding of opschaling van de compressorcapaciteit, te kunnen voldoen aan een tankpatroon van circa 50 voertuigen per dag. Hierbij wordt uitgegaan van een tankbeurt van 20 normaal kubieke meter aardgas per personenvoertuig, waarbij de vultijd de drie minuten niet overschrijdt; de aardgas-afleverinstallatie is in staat om minimaal een vrachtwagen per dag binnen tien minuten te kunnen afvullen. Hierbij wordt uitgegaan van een tankbeurt van circa 120 normaal kubieke meter aardgas per vrachtwagen; er is sprake van een evenredig verspreid netwerk van  aardgasafleverinstallaties over het grondgebied van de provincie Utrecht, waarbij onder een evenredig verspreid netwerk, bij het verstrekken van subsidies het volgende wordt verstaan: 1e subsidie kan worden verstrekt voor maximaal 24 projecten; 2e  subsidie kan worden verstrekt voor maximaal 6 projecten per regio, te weten: regio Centraal Utrecht: Utrecht, Nieuwegein, Houten, Maarssen en Vianen; regio Noord-West Utrecht: Abcoude, Loenen, De Ronde Venen, Breukelen, Woerden, Oudewater, Montfoort, IJsselstein en Lopik; regio Eemland: Amersfoort, Leusden, Bunschoten, Eemnes, Baarn, Soest enWoudenberg; regio Zuid-Oost Utrecht: Veenendaal, Rhenen, Renswoude, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede, Bunnik, Zeist en De Bilt. 2. Om een regionaal dekkend netwerk te realiseren zal in ieder geval voorrang worden verleend aan een project in de volgende gemeenten: Amersfoort; Breukelen; Leusden; Maarssen; Nieuwegein; Utrecht; Veenendaal; Woerden.

Rechtspraak bij dit artikel