De aangevraagde voorziening wordt toegewezen, indien
het college heeft vastgesteld dat het treffen van de
voorziening, gelet op de voortgang van het
onderwijs, geen uitstel kan lijden en geen van de in
de Wet op het primair onderwijs opgenomen
weigeringsgronden van toepassing is. Bij deze
vaststelling neemt het college de regels in de
overwegingen mee m.b.t. de:
de beoordelingscriteria als bedoeld in bijlage
I;
de prognosecriteria als bedoeld in bijlage II;
de oppervlakte en indeling van gebouwen als bedoeld
in bijlage III.
De beslissing van het college kan een gedeelte van
de gewenste voorziening dan wel een andere dan de
gevraagde voorziening omvatten.
Het college vermeldt welk genormeerd bedrag
ingevolge het bepaalde in bijlage IV, deel A voor de
toegewezen voorziening beschikbaar wordt gesteld,
dan wel wat het geraamde bedrag is indien het een
voorziening betreft als bedoeld in artikel 4, derde
lid, laatste volzin. Bij beschikking stelt het
college vast voor welke datum een bouwopdracht moet
zijn verleend, dan wel een koop-, huur- of
erfpachtovereenkomst moet zijn gesloten, en voor
welke datum een afschrift daarvan aan de raad moet
zijn toegezonden. Binnen vier maanden, tenzij anders
wordt overeengekomen, na de datum van de beschikking
door het college moet een bouwopdracht zijn
verleend, dan wel een koop-, huur-, of
erfpachtovereenkomst zijn gesloten.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 22
Inhoud beslissing
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs