**1..** De vergunning kan door het bevoegd gezag worden ingetrokken indien:
blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend;
blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld in artikel 9 niet naleeft;
de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument zwaarder dient te wegen;
indien de vergunninghouder schriftelijk een verzoek tot intrekking indient;
indien niet binnen 1 jaar na inwerkingtreding van de vergunning gebruik wordt gemaakt;
indien de monumentencommissie een met redenen omkleed advies tot intrekking heeft opgesteld.
**2..** Het besluit tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de monumentencommissie die van advies heeft gediend.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2:
Artikel 13
Intrekken van de vergunning
Onderdeel van Erfgoedverordening 2010 Zoeterwoude