**1..** Aan de kiezers wordt de vraag voorgelegd of zij voor danwel tegen de in het betreffende raadsvoorstel vervatte beslissing zijn.
**2..** De vraagstelling moet eenvoudig geformuleerd zijn en helder en eenduidig beantwoord kunnen worden.
**3..** De vraagstelling gaat vergezeld van:
een toelichting op de aard en inhoud van de betreffende beleidskwestie;
een analyse van de achtergronden van de beleidskwestie;
een beschrijving van de gevolgen, de financiële daaronder begrepen, van een positieve en een negatieve beantwoording van de vraagstelling;
een overzicht van de argumenten pro en contra de in de vraagstelling opgenomen keuzemogelijkheden.
**4..** De vraagstelling wordt door de raad vastgesteld. De raad kan bepalen over de formulering van de vraagstelling het advies in te winnen van (een) terzake deskundige(n).