Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 17

Artikel 17

Onderdeel van Verordening op het beheer van het Grondbedrijf

1.. De voor de aanleg van straten en wegen, met inbegrip van plantsoenen, parken, speel- en sportterreinen bestemde gronden worden, behoudens het bepaalde in het tweede lid, zonder verrekening met de gemeente uit het Grondbedrijf genomen. De boekwaarde van die gronden wordt doorberekend aan de uit te geven gronden. 2.. Indien plantsoenen, parken, speel- en sportterreinen niet worden aangelegd ten behoeve van het grondcomplex, waarin zij komen te liggen, doch voor de behartiging van een algemeen plaatselijk belang, worden de daarvoor bestemde gronden uit het Grondbedrijf genomen tegen vergoeding door de gemeente van de gehele of gedeeltelijke boekwaarde. 3.. Indien enig deel van de in het Grondbedrijf gebrachte eigendommen wordt bestemd voor gemeentelijke bedrijven of wel voor stichting van gebouwen ten behoeve van de openbare dienst, moet dat deel uit het Grondbedrijf worden genomen tegen vergoeding van de geschatte waarde (= geschatte marktwaarde). 4.. De handelingen bedoeld in de beide vorige leden worden beschouwd als een verkoop in de zin van deze verordening.

Rechtspraak bij dit artikel