**1..** De in artikel 4, tweede lid onder c. genoemde begroting bevat in elk
geval de volgende gegevens:
Een raming van de ten laste van de onroerende zaken in het
exploitatiegebied komende kosten, te weten:
de inbrengwaarde van alle binnen het
exploitatiegebied gelegen gronden, zijnde de waarde
van de grond vermeerderd met de waarde van de
opstallen, die voor de verwezenlijking van de
bestemming niet gehandhaafd kunnen worden en met de
kosten van vrijmaken van de grond van opstallen -
met inbegrip van de zich in de grond bevindende
resten zoals funderingen, leidingen en kabels,
persoonlijke rechten en lasten, eigendom, bezit of
beperkt recht, zakelijke lasten alsmede de kosten
van schadevergoedingen;
de kosten van planontwikkeling, planvoorbereiding en
planbeheer en plantoezicht. Onder deze kosten wordt
onder meer verstaan:
de kosten verband houdende met het opstellen van
structuurplannen en bestemmingsplannen, het op
stellen van planmatige uitwerkingen of wijzigingen,
het vervaardigen van besluiten tot het verlenen van
vrijstelling van een bestemmingsplan als mede van
overige planologische maatregelen voor zoveel deze
nodig zijn voor het in exploitatie brengen van
gronden binnen het exploitatiegebied;
de kosten van de in artikel 2 genoemde voorzieningen
van openbaar nut voor zover deze verband houden met
het in exploitatie brengen van gronden binnen het
exploitatiegebied alsmede de daarmee verband
houdende kosten van onderzoeken, voorbereiding en
toezicht;
de kosten van het gemeentelijk apparaat, voor zover
dit rechtstreeks aan het in exploitatie brengen van
gronden heeft meegewerkt;
de rente van geïnvesteerde kapitalen en overige
lasten, verminderd met rente-opbrengsten;
overige kosten, die in beginsel ten laste van de
grondexploitatie behoren te worden gebracht.
Een raming van de ten gunste van het in exploitatie nemen
van gronden komende opbrengsten, bestaande uit:
doelsubsidies;
verkoop van gronden;
bijdragen in de kosten van aanleg van voorzienin gen
in openbaar nut, hetzij via overeenkomst het zij via
bouwgrond- of baatbelasting;
overige bijdragen.
De wijze van toerekening van de totale onder het eerste en
tweede lid bedoelde kosten en opbrengsten aan de onroerende
zaken in het exploitatiegebied naar de mate van het profijt,
dat de onroerende zaken hebben van het samenhangend geheel
van voorzieningen van openbaar nut, als bedoeld in artikel 2
van deze ver ordening.
De mate van profijt wordt bepaald op basis van ligging,
bestemming en de objectieve gebruiksmogelijkheden van de
onroerende zaken.
**2..** Voor de berekening van de in het eerste lid bedoelde
exploitatiebijdragen wordt ervan uitgegaan dat het exploitatiegebied
in zijn geheel door de gemeente in exploitatie zal worden
gebracht.
**3..** Periodiek wordt nagegaan of optredende loon- en/of prijswijzigingen
dan wel andere optredende wijzigingen met betrekking tot het in
exploitatie brengen van gronden binnen het exploitatiegebied
aanleiding geven om de kostenbegroting te herzien.
Afdeling II
Artikel 5