Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 14

Artikel 14

Onderdeel van gemeenschappelijke regeling Felua-groep

1.. Indien tussentijds een plaats in het Dagelijks Bestuur openvalt, wijst de betreffende raad zo spoedig mogelijk een nieuw collegelid aan met inachtneming van het bepaalde in artikel 13. 2.. De leden van het Dagelijks Bestuur treden af op de datum, waarop de zittingsperiode van het Algemeen Bestuur eindigt. Zij zijn direct weer als lid benoembaar. 3.. De aftredende leden van het Dagelijks Bestuur blijven hun lidmaatschap - voor zover zij aan het lidmaatschapsvereiste van het Algemeen Bestuur als bedoeld in artikel 7, eerste lid, voldoen - vervullen, totdat hun opvolgers hun lidmaatschap hebben aanvaard. 4.. Met inachtneming van artikel 19, derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen kan het Algemeen Bestuur besluiten een lid van het Dagelijks Bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van het Algemeen Bestuur niet meer bezit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel