Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
de wet: de Drank- en Horecawet;
horecabedrijf: een horecabedrijf als bedoeld in artikel 3,
lid 1
onder a van de wet;
c.horecawerkzaamheid: een werkzaamheid als bedoeld in artikel 3 lid 1,
onder c, van de wet;
d.inrichting: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, lid 1 van
de wet;
e.lokaliteit; hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, lid 1
onder b van het Besluit inrichtingseisen Drank- en Horecawet.
f.verlofbedrijf: een bedrijf waar bedrijfsmatig alcoholvrije drank
wordt verstrekt;
g.verlofhouder: degene op wiens naam het verlof is gesteld om het
verlofbedrijf te mogen uitoefenen;
h.alcoholhoudende drank: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel
1, lid 1 van de wet;
i.sterke drank: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, lid 1
van de wet.
2.Artikel 1 van de Drank- en Horecawet is van overeenkomstige toepassing op
de niet op die wet steunende bepalingen van deze verordening.