Het college stelt aan de adviseur alle op de aanvraag betrekking hebbende informatie, alsmede de voor de beoordeling daarvan naar het oordeel van de adviseur noodzakelijke bescheiden ter beschikking.
De adviseur organiseert één of meerdere hoorzittingen, waar de aanvrager, het college alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid de gelegenheid worden gesteld de aanvraag toe te lichten, onderscheidenlijk de voor de advisering over de aanvraag relevante informatie te verschaffen. Van het organiseren van een hoorzitting wordt afgezien als geen van de betrokken partijen aangeeft daaraan behoefte te hebben.
De adviseur bepaalt het tijdstip waarop deze de situatie ter plaatse ten behoeve van een taxatie bezichtigt en nodigt de aanvrager voor de plaatsopneming uit.
Van de in het tweede lid bedoelde hoorzitting(en) en van de in het derde lid bedoelde bezichtiging-taxatie wordt door de adviseur een verslag gemaakt, dat onderdeel vormt van het uit te brengen advies.