**1..** Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter
gevraagd en van hem verkregen te hebben.
**2..** De voorzitter verleent het woord in de volgorde waarin het is
gevraagd.
**3..** Van de in het tweede lid bedoelde volgorde kan worden
afgeweken:
voor het geven van een beknopte mondelinge toelichting
op een voorstel door de voor-steller(s);
voor een persoonlijk feit;
voor het indienen van een voorstel van orde.
**4..** De voorzitter verleent het woord over een persoonlijk feit niet,
dan na beknopte aanduiding van dat feit.
Hoofdstuk 3: › Paragraaf 2
Artikel 30
Volgorde sprekers
Onderdeel van Reglement van orde gemeenteraad