1. Voor belanghebbenden aan wie bijstand kan worden verleend, geldt een categorie-aanduiding.
2. De categorieën worden aangeduid als:
a. alleenstaande;
b. alleenstaande ouder;
c. gehuwden;
d. gehuwden, de alleenstaande ouder, en de alleenstaande met:
- een inwonend verdienend kind van 18 tot 21 jaar met een inkomen op of gelijk aan de op het kind van toepassing zijnde bijstandsnorm vermeerderd met 10% van het wettelijk minimumloon als bedoeld in artikel 37 WWB en/of
- een inwonend meerderjarig kind dat op de Wet op de studiefinanciering of op de Wet tegemoetkoming studiekosten is aangewezen;
e. kostgever/hospita;
Hoofdstuk 2
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Bijstandsverordening toeslagen en verlagingen Wet werk en bijstand 2010