1. De ambtenaar van de burgerlijke stand wordt voor een in het benoemingsbesluit te bepalen
periode benoemd. Deze periode mag maximaal het tijdvak betreffen gedurende hetwelk de
ambtenaar in dienst zal zijn van de gemeente.
2. De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand wordt voor een in het benoemingsbesluit te
bepalen periode benoemd.