Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: WWB: de Wet werk en bijstand; WIJ: de Wet investeren in jongeren; gehuwdennorm: de norm als bedoeld in artikel 21, onderdeel c van de WWB en artikel 28, eerste lid onderdeel d van de WIJ; woning: een woning, een woonwagen, een woonschip of een zomerhuisje; medebewoning: de situatie waarin naast belanghebbende(n) één of meer anderen, niet zijnde: kinderen tot 21 jaar; kinderen van 21 jaar of ouder die studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 ontvangen of een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten; een persoon die op basis van een huurcontract met een woningcorporatie of commerciële verhuurder een gedeelte van de woning bewoont; hun hoofdverblijf in dezelfde woning hebben; medebewoner: derde, bedoeld als in de situatie van medebewoning; woonkosten: indien een huurwoning wordt bewoond, de per maand geldende huurprijs, bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet op de huurtoeslag; Indien een eigen woning wordt bewoond, de tot een bedrag per maand omgerekende som van de verschuldigde hypotheekrente en de in verband met het in eigendom hebben van de woning te betalen zakelijke lasten en een naar omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de WWB, de WIJ en de Algemene wet bestuursrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel