De rechthebbende van gronden is verplicht deze te zuiveren van akkerdistel (cirsium arvense (Scop) en akkermelkdistel (Sonchus arvensis L.) voordat zij tot bloei komen indien deze distel overlast voor aangrenzende gronden kunnen veroorzaken.
1. Indien naar het oordeel van de burgemeester waarin de gronden zijn gelegen de in het eerste lid opgelegde verplichting niet of niet behoorlijk wordt nagekomen, zendt deze aan de rechthebbende van die gronden bij aangetekende brief of tegen gedagtekend ontvangstbewijs een lastgeving om zijn gronden te zuiveren.
2. De lastgeving vermeldt de termijn waarbinnen de gronden van de distels dienen te zijn gezuiverd. De burgemeester bepaalt die termijn zodanig dat de zuivering kan zijn voltooid voordat de distels tot bloei komen. Afschrift van de lastgeving wordt gezonden aan gedeputeerde staten en de directeur Landbouw, Natuur en Openluchtrecreatie van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 6
Artikel 4.21
Verplichting gronden te zuiveren van akkerdistel
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Medemblik