In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
a.
berging: een van buiten de woning toegankelijke, afsluitbare, regenwerende bergruimte met een vloeroppervlakte van minimaal 5 m2 waarbij de breedte minimaal 1,5 m en de hoogte ten minste 2,10 m is. Op het moment dat het begrip berging in het Bouwbesluit als eis wordt opgenomen komt dat begrip hiervoor in de plaats;
b.
buitenruimte: een balkon of terras met een vloeroppervlakte van ten minste 5% van de gebruiksoppervlakte van de woning met een minimum van 3,75 m2 en een breedte van ten minste 1,50 m. Op het moment dat het begrip buitenruimte in het Bouwbesluit als eis wordt opgenomen komt dat begrip hiervoor in de plaats;
c.
GO: afkorting voor de ‘gebruiksoppervlakte’; de gebruiksoppervlakte als bedoeld in het Bouwbesluit 2003. (NEN 2580);
d.
het college: het college van burgemeester en wethouders van Arnhem;
e.
woningsplitsing: het bouwkundig en functioneel splitsen van een zelfstandige woning in twee of meer zelfstandige woningen óf het realiseren van één of meer woningen binnen de aaneengesloten hoofdbebouwing.