De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal 60 % van de totale projectkosten, met dien verstande dat de subsidie maximaal € 75.000,- bedraagt.
Indien toepassing van het eerste lid tot gevolg heeft dat de subsidie minder bedraagt dan € 5.000,- wordt zij niet verstrekt.
Tot de subsidiabele kosten behoren:
het inhuren van specifieke deskundigheid (voor zowel ontwikkelen als uitvoeren van een project);
het opstellen van een ontsluitingsplan;
verfilming en digitaliseringskosten;
automatiseringskosten;
kosten voor de ontsluiting;
promotiekosten;
onderzoekskosten (verzamelen materiaal / oral history);
ontwikkelingskosten (proceskosten);
presentatiekosten (fysieke herinrichting);
visualisatiekosten (ruimtelijke vormgeving);
kosten ten behoeve van instructiemateriaal (in woord en beeld).
Er wordt uitgegaan van een standaardberekeningswijzen voor de berekening van uurtarieven, te weten: het hanteren van forfaitair vastgestelde uurtarieven.
Paragraaf
Artikel 7