**1..** Indien zich op een terrein één of meer iepen bevinden die naar het
oordeel van het college van burgemeester en wethouders gevaar
opleveren van verspreiding van de iepziekte of voor vermeerdering
van de iepenspint-kevers, is de rechthebbende, indien hij daartoe
door het college van burgemeester en wethouders is aangeschreven,
verplicht binnen de bij aanschrijving vast te stellen termijn:
indien de iepen in de grond staan, deze te vellen;
de iepen te ontbasten en de bast te vernietigen;
de niet ontbaste iepen of delen daarvan te vernietigen of
zodanig te behandelen dat verspreiding van de iepziekte
wordt voorkomen.
**2..** Het is verboden gevelde iepen of delen daarvan voorhanden of
in voorraad te hebben of te vervoeren;
het verbod is niet van toepassing op geheel ontbast
iepenhout en op iepenhout met een doorsnede kleiner dan 4
centimeter;
het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing
verlenen van het onder sub a. van dit lid gestelde
verbod.