Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Artikel 3.

Onderdeel van Speelautomatenhalverordening 1997

1.. De vergunning als bedoeld in artikel 2 kan uitsluitend worden gesteld ten name van de ondernemer(s) en is niet overdraagbaar. 2.. In de vergunning worden tenminste vermeld: het adres waarvoor de vergunning is verleend; de oppervlakte van de lokaliteit(en) waarin speelautomaten staan opgesteld; de ondernemer(s); de beheerder(s). 3.. Aan de vergunning worden voorschriften en beperkingen verbonden. Deze hebben in ieder geval betrekking op: de verplichte sluitingstijden (of toegestane openingstijden); het maximale aantal kansspel- en/of behendigheidsautomaten waarvoor de vergunningplaatsing toestaat.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel