1. Van het gereedkomen:
a. van putten en van grond- en huisaansluitleidingen van de riolering,
alsmede van leidingdoorvoeren en mantelbuizen door wanden en vloeren
beneden straatpeil;
b. van de thermische isolatie in de spouw van wanden, alsmede van de
thermische isolatie in andere besloten constructies moet het
bouwtoezicht onmiddellijk na de voltooiing van de onder a en b bedoelde
werkzaamheden in kennis worden gesteld.
2. Onderdelen van het bouwwerk, waarop het eerste lid betrekking heeft,
mogen niet zonder toestemming van het bouwtoezicht aan het oog worden
onttrokken gedurende twee dagen na het tijdstip van kennisgeving.
3. Het bepaalde in het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op
die onderdelen van het bouwwerk, waarvoor in de aan de
omgevingsvergunning voor het bouwen verbonden voorwaarden een plicht tot
kennisgeving van voltooiing is bepaald.
4. Uiterlijk op de dag van beëindiging van de werkzaamheden, waarop de
omgevingsvergunning voor het bouwen betrekking heeft, wordt het einde
van die werkzaamheden bij het bouwtoezicht gemeld.
5. De in dit artikel bedoelde kennisgevingen moeten, indien het
bouwtoezicht dit verlangt, schriftelijk geschieden.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.12
Gereedmelding van (onderdelen van) de bouwwerkzaamheden
Onderdeel van Bouwverordening gemeente Medemblik