De in de , , en bedoelde afstand moet worden gemeten langs de
kortste lijn waarlangs een aansluiting zonder bezwaren kan worden
gemaakt en tot het deel van het bouwwerk dat zich het dichtst bij
een leiding van het distributienet bevindt. Hierbij moeten
bouwwerken die zich tezamen op één erf of terrein bevinden, als één
bouwwerk worden beschouwd.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 3
Artikel 5.3.7
Wijze van meten van de afstand tot de leidingen van het openbare net van de nutsvoorzieningen
Onderdeel van Bouwverordening gemeente Medemblik