De vaststelling van een persoonsgebonden budget vindt ten
aanzien van huishoudelijke verzorging plaats door middel van het
beschikbaar stellen van een bedrag per uur. Dit bedrag bestaat
uit 75% van het bedrag, welke voor huishoudelijke verzorging in
natura, op grond van artikel 3.1. van dit besluit is vastgesteld.
Bij het verlenen van het persoonsgebonden budget voor
huishoudelijke verzorging worden de ondersteuningsvrager de
volgende verplichtingen opgelegd:
de ondersteuningsvrager gebruikt het budget uitsluitend
voor de betaling van huishoudelijke verzorging, als
bedoeld in artikel 2.2. onder a van de Verordening
voorzieningen maatschappelijke
ondersteuning en de daarmee noodzakelijk
verbonden kosten;
de huishoudelijke verzorging die de ondersteuningsvrager
inkoopt, is kwalitatief verantwoord;
de ondersteuningsvrager sluit een schriftelijke
overeenkomst met de zorgverlener of zorgverlenende
instantie, waarin ten minste de volgende afspraken
zijn opgenomen:
declaraties voor de verleende huishoudelijke
verzorging worden niet betaald, wanneer zij niet
binnen zes weken na de maand waarin de zorg is
verleend bij de ondersteuningsvrager zijn
ingediend.
Een declaratie van een zorgverlener bevat een
overzicht van de dagen waarop is gewerkt, het
uurtarief, het aantal te betalen uren, het sociaal
fiscaal nummer en de naam en het adres van de
zorgverlener en wordt door de zorgverlener
ondertekend;
Een declaratie van een zorgverlenende
instantie bevat het BTW-nummer van die instantie,
een overzicht van de dagen waarop is gewerkt, het
tarief, het aantal te betalen uren, dagdelen of
etmalen en de naam en het adres van de
zorgverlenende instantie en wordt, namens de
zorginstantie getekend.
Hoofdstuk
Artikel 3.3
Persoonsgebonden budget
Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning