Het college kan aan de uitkeringsgerechtigde met een grote afstand tot
de arbeidsmarkt, die inkomsten uit arbeid geniet waarmee een inkomen
wordt verworven dat minder bedraagt dan de voor de uitkeringsgerechtigde
van toepassing zijnde norm, gedurende 6 aaneengesloten maanden een
vrijlating toekennen als bedoeld in artikel 31 tweede lid onder o van de
wet.
HOOFDSTUK 4
Artikel 17
Inkomstenvrijlating
Onderdeel van Reïntergratieverordening Wet werk en bijstand 2005