Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Ontslag en non-activiteit

Onderdeel van Verordening op de rekenkamercommissie West Maas en Waal

1.. De voorzitter kan door de raad worden ontslagen of op non-activiteit gesteld als één van de gronden zich voordoet als bedoeld in artikel 81c, zesde of zevende lid of van artikel 81d, eerste of tweede lid van de Gemeentewet 2.. Het presidium bericht de raad als één van de gronden voor ontslag respectievelijk non-activiteit als bedoeld in het eerste lid zich voordoet. 3.. In de gevallen als bedoeld in artikel 81c, zevende lid en in artikel 81d, tweede lid van de Gemeentewet, adviseert het presidium de raad over de vraag of al dan niet moet worden overgegaan tot ontslag respectievelijk het op non-actief stellen van de voorzitter. 4.. Het presidium adviseert de raad tevens omtrent de beslissing tot verlenging of beëindiging van het op non-actief stellen van het desbetreffende lid, als bedoeld in artikel 81d, derde lid van de Gemeentewet. 5.. Het lidmaatschap van een raadslid eindigt: op eigen verzoek; indien het lid aftreedt als lid van de raad; indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt is de functie van de rekenkamercommissie te vervullen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel