In deze paragraaf wordt verstaan onder:
inrichting: elke al of niet besloten ruimte waarin, in de uitoefening van beroep of bedrijf, aan
personen de mogelijkheid van nachtverblijf of gelegenheid tot kamperen wordt verschaft;
houder: degene die een inrichting exploiteert, dan wel daarin de feitelijke leiding heeft.
HOOFDSTUK 2 › AFDELING 3 › PARAGRAAF 2
Artikel 2.3.2.1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening West Maas en Waal 1994