Het is verboden in openbaar water met een vaartuig een ligplaats in te nemen of te hebben dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen, elders dan op een plaats, welke daartoe is aangewezen bij besluit van het college.
het college kan aan het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats met dan wel voor een vaartuig op niet krachtens het eerste lid aangewezen gedeelten van openbaar water:
nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid,
milieuhygiëne en het aanzien van de gemeente;
beperkingen stellen naar soort en aantal vaartuigen.
Het verbod in het eerste lid geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet milieubeheer, het Binnenvaartpolitiereglement, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Gelderse vaarwegenverordening of de Gelderse landschapsverordening.
Hoofdstuk › AFDELING 3
Artikel 5.3.2
Ligplaats woonschepen en overige vaartuigen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening West Maas en Waal 1994