De onder dit hoofdstuk bedoelde subsidies worden slechts verleend indien:
de eigenaar voor het treffen van voorzieningen, genoemd in artikel 3.2., lid a., geen beroep kan doen op het BROM;
sprake is van een sobere en doelmatige uitvoering der werkzaamheden, waarbij de ‘nieuwe’ situatie qua vormgeving, details en materiaalkeuze, passend in de historische context.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 3.3.
Voorwaarden voor de subsidieverlening
Onderdeel van SUBSIDIEVERORDENING STADS- EN DORPSVERNIEUWING 2002