Een individuele voorziening kan slechts worden toegekend voorzover:
deze in overwegende mate op het individu is gericht;
deze langdurig noodzakelijk is om diens beperkingen op het gebied van het verplaatsen in en om de woning, het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel en bij het ontmoeten van medemensen en op basis daarvan sociale verbanden aangaan of het voeren van het huishouden, tenzij het kortdurende hulp bij het huishouden betreft na een ziekenhuisopname, het op te heffen of te verminderen;
deze, naar objectieve maatstaven gemeten, als een adequate, goedkope voorziening kan worden aangemerkt.
In afwijking van het eerste lid onder sub c, kan in overeenstemming met de wensen van de aanvrager een duurdere voorziening worden verstrekt waarbij de meerkosten voor rekening van de aanvrager komen.
Geen voorziening wordt toegekend:
indien de voorziening voor een persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk is;
als er een algemene voorziening is die gezien de aard en omvang van de beperkingen van de persoon, als passend en toereikend wordt beoordeeld;
voor zover bij of krachtens enige andere wettelijke regeling aanspraak op de voorziening bestaat;
indien de aanvrager zelf in staat is om de beperkingen op te heffen;
indien een voorziening als waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder krachtens deze verordening is verstrekt en de normale afschrijvingsduur van dat middel nog niet is verstreken, tenzij het eerder vergoede of verstrekte middel verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de aanvrager zijn toe te rekenen of door wijzigingen in de situatie van de persoon met beperkingen waardoor de voorziening niet langer als adequaat kan worden beoordeeld.
indien de aanvrager niet zijn hoofdverblijf heeft in de gemeente Culemborg, zoals bedoeld in de artikelen 10, eerste lid en 11 Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
HOOFDSTUK 1
Artikel 1.4
Beperking reikwijdte verordening
Onderdeel van Verordening Maatschappelijke ondersteuning gemeente Culemborg 2010