Indien de voorzitter of een van de leden een hoofdelijke stemming verlangt, deelt de voorzitter mee, bij welk lid van de raad de hoofdelijke stemming zal beginnen. Daartoe wordt bij loting een volgnummer van de presentielijst aangewezen. Bij het daar genoemde lid begint de hoofdelijke stemming.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.
Artikel 32.
Primus bij hoofdelijke stemming.
Onderdeel van Reglement van Orde van de Raad