Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 5.

Kostenvergoeding vrijwilligerswerk

Onderdeel van Premieverordening Wet werk en bijstand 2004

Burgemeester en wethouders kunnen aan de uitkeringsgerechtigde een kostenvergoeding voor het verrichten van onbetaalde maatschappelijk nuttige activiteiten verstrekken. De vergoeding wordt slechts toegekend indien burgemeester en wethouders voor het verrichten van de activiteiten vooraf toestemming hebben verleend en voor zolang de activiteiten het verkrijgen van betaalde arbeid niet verhinderen of bemoeilijken en voor zover er geen kostenvergoeding zoals bedoeld in artikel 31, lid 2 sub k. van de wet van de organisatie of organisaties waarbij het vrijwilligerswerk wordt verricht, is of wordt ontvangen. Voorwaarden voor het verkrijgen van de vergoeding zijn: de uitkeringsgerechtigde is naar verwachting binnen een periode van een jaar niet bemiddelbaar in het kader van het verkrijgen van betaalde arbeid; de uitkeringsgerechtigde verleent alle medewerking aan een met hem overeengekomen traject of aan anderszins met hem overeengekomen of aan hem opgelegde activeringsactiviteiten; de activiteiten worden gedurende tenminste acht uren per week verricht; de activiteiten hebben gedurende ten minste zes aaneengesloten maanden plaatsgevonden. mensen met een psychische of lichamelijke beperking die niet kunnen voldoen aan voorwaarden in c en d, ontvangen een vergoeding waarvan de hoogte door middel van individueel maatwerk wordt vastgesteld. De hoogte van de kostenvergoeding is afhankelijk van de aard en omvang van de werkzaamheden en zal door burgemeester en wethouders worden vastgesteld op basis van de volgende richtlijnen: Om voor de vergoeding in aanmerking te komen moet minimaal zijn voldaan aan de eisen zoals gesteld in lid 1, sub a tot en met d. De vergoeding die daaruit volgt bedraagt € 364,-. Bij een taakomvang van minimaal 16 uur en maximaal 23 uur kan een vergoeding worden toegekend van € 514,-. Bij een taakomvang van de activiteiten van 24 uur of meer kan een premie worden toegekend van maximaal € 764,-. De kostenvergoeding is maximaal gelijk aan de maximum bedragen als bedoeld in artikel 31 lid 2 sub k. van de Wwb junto artikel 7 lid h Regeling WWB en wordt vastgesteld conform het bepaalde in lid 2.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel