De ingevolge artikel 2 lid 1 sub a, b en c van deze verordening door de raad ingestelde raadscommissies worden samengesteld uit een evenredige vertegenwoordiging van de in de raad vertegenwoordigde fracties.
De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op voordracht van de fracties benoemd.
Een lid kan zowel raadslid als niet-raadslid zijn. De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op een lid van een raadscommissie.
Plaatsvervanging: Een benoemd commissielid dan wel een raadslid kan in een (andere) commissie altijd als plaatsvervanger optreden.
Alle fracties krijgen de mogelijkheid om aanvullend aan de benoemde leden per commissie nog twee reserveleden aan te wijzen die bij afwezigheid van de commissieleden als plaatsvervanger of als materiedeskundige mogen optreden.