Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 34.

Overgangs- en slotbepalingen.

Onderdeel van Verzamelverordening WWB

Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag van de kalendermaand volgend op de dag van bekendmaking. Het intrekken van de reïntegratie-, de afstemmings-, de premie- en de misbruikverordening Wet werk en bijstand en de re-integratieverordening Wet werk en inkomen kunstenaars vindt plaats per de datum waarop deze verordening in werking treedt. Deze verordening werkt voor nieuwe gevallen en op rechtsfeiten die plaatsvinden na inwerkingtreding. Deze verordening wordt aangehaald als 'Verzamel-verordening WWB, IOAW, IOAZ en WWIK'. Algemene toelichting De in 2004 vastgestelde verordeningen in het kader van de Wet werk en bijstand (WWB) voor re-integratie, afstemming en misbruik, zijn aangepast en samengevoegd. De redenen voor het aanpassen zijn gelegen in: het verhogen van de participatie aan de onderkant van de arbeidsmarkt, de samenstelling van het bestand in de bijstand (hoog aandeel ouderen en zeer langdurig uitkerings-gerechtigden) afstemming op de pijler sociale samenhang van het regeerakkoord en het daarop gebaseerde Bestuurlijk Akkoord 'Samen aan de slag' met ambities en prestatie-afspraken om de participatie van burgers te vergroten, gewijzigde wetten en regels (onder andere het invoeren van de nieuwe Wet inburgering en het verbod op dubbele uitvraag van gegevens) en actuele rechtspraak over huisbezoeken en het protocol voor de huisbezoeken. Tot het samenvoegen met de premieverordening is over-gegaan, gelet op hun onderlinge samenhang en de lokale actie stofkam: vereenvoudigen en terugdringen van regels. De nieuwe verzamelverordening draagt bij aan meer duidelijkheid en houvast voor belanghebbenden door verbeterde rechtswaarborgen. De aanpassingen zorgen er gelijktijdig voor, dat de uitvoering meer flexibel kan inspelen op in- en externe ontwikkelingen en op de toenemende samenhang met beleidsterreinen als armoedebestrijding, onderwijs en zorg. De nieuwe verzamelverordening biedt voorts voldoende ruimte voor innovatie, maatwerk en effectiviteit. Zo is de nieuwe verzamelverordening afgestemd op de kadernota 'Vooropgesteld, Tilburg werkt' waarin het realiseren van het 4600-banenplan uit het Algemeen Beleidsplan College is uitgewerkt naar het arbeidsmarkt- en re-integratiebeleid. Die nota legt verbinding met kennis (startkwalificatie en een leven lang leren); ondernemen/creatieve bedrijvigheid (productiekant cultuur en ontwikkeling Veemarktkwartier) en aanpak dreigende personele tekorten in de zorg. Het verbinden van arbeidsmarkt met re-integratie is mede gericht op het beheersen van het volume in de bijstand. Dit gelet op de druk op het lokale risico uit de 100% financiële verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de WWB. In de nota 'Vooropgesteld, Tilburg werkt' blijft participatie dóór en náár betaaldwerk het speerpunt voor het bepalen en aanbieden van voorzieningen. Betaald werk biedt mensen immers inkomen en gevoel van eigenwaarde en is goed voor integratie en emancipatie. Het is bovendien een goede voorziening tegen armoede. De werk-voorop-benadering voorziet hierin. In de nota 'Vooropgesteld, Tilburg werkt' staat verder centraal de aandacht voor de onderkant van de arbeidsmarkt: de participatie dóór en náár werk van het bestand zeer langdurig uitkerings-gerechtigden. Het terugdringen van hun afhankelijkheid van de sociale zekerheid verloopt via inzetbanen (onbeloonde arbeid) en participatieprojecten. Deze projecten zijn mede gericht op het verbeteren van de samenhang tussen de WWB en de Wet Maatschappelijk Ondersteuning. Het project Wonen, Zorg, Service in de Wijk en het project Doen zijn hier voorbeelden van. Mensen kunnen ook op een andere manier meedoen en door het verlenen van mantelzorg of door het verrichten van vrijwilligerswerk bijdragen aan meer sociale samen-hang. In de verzamelverordening is het nieuwe beleid voor het verhogen van de participatie van mensen die langere tijd aan de kant staan, afgestemd op het eveneens vernieuwde sanctiebeleid. Het sanctiebeleid is tevens herijkt tegen de achtergrond van de landelijke discussie over agressie tegen dienstverleners. Zo zijn de uitgangspunten van het agressieprotocol opgenomen in de verordening. Hiermee verkrijgt het protocol de juridische waarde die het verdient voor het ingrijpen in de uitkeringsrelatie. Verder bestaat de verzamelverordening voor een groot deel uit overname van voort te zetten beleid uit de voormalige verordeningen. Dit geldt voor het jaarlijks taakstellend bestedingsplan arbeidsmarktbeleid (bijlage bij de begroting). Dit plan geeft inzicht in het aanwenden van de financiële middelen uit het werkdeel-WWB voor het ondersteunen en aanbieden van voorzieningen gericht op inschakeling in de arbeid. Het premiebeleid dat begin 2007 is vernieuwd, is ingepast. Het premiebeleid is verbeterd in samenhang gebracht met overige voorzieningen gericht op het stimuleren van participatie en het bijdragen aan meer sociale samenhang. Het beleid voor misbruik blijft opgebouwd op het model voor hoogwaardig handhaven, dat mede is gericht op het beperken van instroom in en het bevorderen van uitstroom uit de bijstand. Nieuw aangekondigde landelijke regels zijn nog te verwachten over: een leerwerkplicht voor jongeren tot 27 jaar, het schrappen van de sollicitatieplicht voor alleen-staande ouders met kinderen tot 5 jaar, een voorziening die werken in deeltijd voor alleen-staande ouders met sollicitatieplicht financieel aantrekkelijk maakt (Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders), een inkomensregeling voor werkloze werknemers van 60 jaar en ouder (UWV voert uit) en de modernisering van de WSW. Deze nieuwe regels zijn naar verwachting zonder aan-passing van de verzamelverordening in te voeren en uit te voeren. De WWB en deze verzamelverordening spreken van 'door het college noodzakelijk geachte voorzieningen'. Als gebruik is te maken van een bestaande, te wijzigen of nieuw in te voeren voorliggende voorziening, dan gaan die voorzieningen voor (prevaleren) op de regels uit deze verordening over het aanbieden van een WWB-voorziening. Door al deze ontwikkelingen verschuiven de accenten in het WWB-beleid naar het stimuleren van (klein) ondernemerschap, het ontwikkelen van competenties van mensen en het effectiever inzetten van voorzieningen. De nieuwe verzamelverordening is afgestemd op deze ontwikkelingen en accenten. In nauwe betrekking tot deze accenten staan de ontwikkelingen rond het financieren van de re-integratie-voorzieningen. De middelen uit het werkdeel-WWB staan onder druk in verband met de koppeling ervan aan het volume in de bijstand. Dat volume is de laatste jaren sterk gedaald. Het nog resterende bestand in de WWB bestaat voor een groot deel uit personen met een (zeer) grote afstand tot regulier betaald werk. Deze groep vraagt om specifieke, vaak langdurige voorzieningen. Aan deze voor-zieningen hangt over het algemeen een hoger kosten-plaatje. Verder streeft het kabinet naar het verbeteren van de effectiviteit en inrichting van de keten(-samenwerking). Met de invulling hiervan wordt een ombuiging beoogd vanaf 2009 die oploopt tot structureel € 190 miljoen vanaf 2012. Eenderde van deze taakstelling komt voor rekening van de gemeenten. Dit dwingt om de middelen voor re-integratie zo effectief mogelijk te gebruiken. Mede om deze reden wordt het aanbod van voorzieningen uitgewerkt in een jaarlijks bestedingsplan arbeidsmarktbeleid, waarvan de financiële ruimte wordt begrenst door het toe te kennen budget uit het werkdeel-WWB dan wel het per 2009-2010 in te voeren brede participatiefonds-SZW. In dat nieuwe fonds worden samengevoegd de re-integratiemiddelen uit het werkdeel-WWB, de educatiemiddelen uit de Wet Educatie en Beroepsonderwijs en de middelen uit de Wet Inburgering. Middelen die ontkokerd en daarmee effectiever zijn in te zetten voor gecombineerde trajecten. Bij het uitwerken van de verzamelverordening is rekening gehouden met de wensen van de uitvoering. De wensen betreffen het kunnen leveren van maatwerk bij participatie (stimuleren en sanctioneren) plus het voorkomen en bestrijden van agressie. In dit verband wordt opgemerkt dat de ontvangsthal van de dienst Publiekszaken meer klant-vriendelijk is ingericht. Het voorstel is verder voorgelegd aan de onafhankelijke Klantenraad Werk en Bijstand. De verzamelverordening overschrijdt mogelijk de verdeling van bevoegdheden tot het vaststellen van regels door de raad en het vaststellen van beleid door het college. De verordening is evenwel op voordracht van het college vastgesteld. Het college stemt in met het voorstel en handelt in overeenstemming met de nieuwe verzamel-verordening. Het mogelijk overschrijden van de verordenende bevoegdheid is te beschouwen als het verwoorden van de beleidslijn van het college voor het invullen van de aan hem toegekende vrije bevoegdheid. Het beleid voor re-integratie, het afstemmen van de bijstand, het toekennen van premies en misbruik/ handhaving is hieronder nader artikelsgewijs toegelicht. Waar sprake is van bijstand of uitkering is veelal de WWB, IOAW en IOAZ bedoeld. De Wet bundeling van uitkeringen inkomensvoorzieningen aan gemeenten verplicht tot het per 1 juli 2010 vaststellen van een maatregelen- en misbruikverordening voor de IOAW, IOAW en WWIK. Uit oogpunt van eenheid van beleid is deze verplichting uitgewerkt naar de systematiek van het sanctie- en handhavingsbeleid voor de Wet werk en bijstand (WWB). Met de specifiek voor kunstenaars geldende verplichtingen is rekening gehouden. Het afstemmen van het sanctiebeleid voor de IOAW/IOAZ/ WWIK op dat voor de WWB voorkomt dat voor gelijksoortig gedrag verschillend beleid gaat gelden. Tevens voorkomt/ beperkt het de mogelijkheid tot (ongewenste) samenloop van IOAW/IOAZ/WWIK met een bijstandsuitkering. De regels over het voorkomen en bestrijden van uitkerings fraude IOAW/IOAZ/WWIK zijn gelijk aan die voor de uitkeringen algemene bijstand. Om deze reden is voor de bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van de IOAW/IOAZ/WWIK volledige aansluiting gezocht bij de hiertoe voor de WWB vastgestelde regels. Voor de WWB is de controle naar de rechtmatigheid van de verstrekte bijstand ingericht naar het SoZaWe-model voor programmatisch en hoogwaardig handhaven. Dit model is van overeenkomstige toepassing op het werkproces voor de IOAW/IOAZ/WWIK. Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om de re-integratie verordening WWIK op te nemen in de Verzamel-verordening WWB, waarvan de naamgeving bij algemeen gebruik is aangepast in Verzamelverordening WWB, IOAW, IOAZ en WWIK. Verder is de Verzamelverordening aangepast aan actuele ontwikkelingen in wetgeving (invoeren Wet investeren in jongeren), rechtspraak en uitvoering. Artikelsgewijze toelichting

Rechtspraak bij dit artikel