1.
Het inkomen, bedoeld in artikel 2.1., bestaat uit het inkomen over het peiljaar (is twee jaar voor het zorgjaar) van de ongehuwde persoon dan wel de gehuwde personen tezamen, en bedraagt:
a. indien met betrekking tot het peiljaar een aanslag inkomstenbelasting is of wordt vastgesteld: het verzamelinkomen, bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001, in het peiljaar;
b. in de overige gevallen: het belastbare loon, bedoeld in artikel 9 van de Wet op de loonbelasting 1964, in het peiljaar.
2.
Inkomen dat in het buitenland wordt belast dan wel is vrijgesteld van de belasting op grond van bepalingen van internationaal recht, wordt mede in aanmerking genomen, als ware dit aan de Nederlandse belastingwetgeving onderworpen.
3.
In afwijking van het eerste lid vindt op aanvraag van de persoon aan wie maatschappelijke ondersteuning is verleend een voorlopige vaststelling van het bijdrageplichtig inkomen plaats, indien redelijkerwijs te verwachten is dat het inkomen in het lopende jaar tenminste € 1.816,-- lager zal zijn dan het inkomen bedoeld in het eerste lid.
4.
Indien het derde lid is toegepast, vindt na afloop van het jaar definitieve vaststelling van het bijdrageplichtig inkomen over dat jaar plaats. Indien daarbij blijkt dat het bijdrageplichtig inkomen minder dan € 1.816,-- lager is geweest dan het inkomen, bedoeld in het eerste lid, vindt definitieve vaststelling plaats overeenkomstig het eerste lid.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
Inkomen
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Oost Gelre 2011