Tot het treffen van voorzieningen van openbaar nut waardoor onroerende
zaken worden gebaat, worden gerekend: 1. De aanleg binnen een
exploitatiegebied van de hieronder vermelde werken en
werkzaamheden:
het dempen van sloten en het verrichten van grondwerken met inbegrip
van het egaliseren, ophogen en afgraven;
riolering met inbegrip van bijbehorende werken;
wegen, parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en
rijwielpaden, waterpartijen, watergangen, bruggen, tunnels en andere
rechtstreeks met de aanleg van deze voorzieningen van openbaar nut en
kunstwerken verband houdende werken;
plantsoenen en andere groenvoorzieningen, waaronder begrepen de
aanleg en de inrichting van openbare speelplaatsen en speelweiden
alsmede de sierende elementen die rechtstreeks voortvloeien uit een
juiste uitvoering van een verzorgd bestemmingsplan;
openbare verlichting en brandkranen met de nodige
aansluitingen;
het verrichten van bodemonderzoek en -sanering, voor zover het de
ondergrond van voorzieningen van openbaar nut betreft en voor zover de
daarmee verband houdende kosten niet op andere wijze kunnen worden
verhaald;
het treffen van milieutechnisch noodzakelijke maatregelen en
voorzieningen van openbaar nut ter uitvoering van een
bestemmingsplan;
alle overige werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor een
doeltreffende aanleg van voorzieningen van openbaar nut. 2. De aanleg
van de onder 1. vermelde werken en werkzaamheden buiten het
exploitatiegebied, voor zover de binnen het exploitatiegebied liggende
onroerende zaken hierdoor direct danwel indirect worden gebaat.
Afdeling I
Artikel 2
Voorzieningen van openbaar nut
Onderdeel van Exploitatieverordening gemeente Groenlo 2005