In deze verordening en daarop berustende nadere regelgeving wordt
verstaan onder:
adres: door het College aan een verblijfsobject, een standplaats
of een ligplaats toegekende benaming, bestaande uit een
combinatie van de naam van een openbare ruimte, een
nummeraanduiding en de naam van een woonplaats;
afgebakend terrein: een betreedbaar en afsluitbaar terrein met
een kunstmatige of natuurlijke afbakening, waarop zich geen
panden, verblijfsobjecten, stand- en ligplaatsen bevinden;
het College: het college van burgemeester en wethouders van
Leiderdorp;
convenant postcodes: het tussen de Minister van
Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de
Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Koninklijke TPG Post
BV gesloten Kader Convenant en Nader Convenant inzake
postcodes;
ligplaats: door het College als zodanig aangewezen plaats in het
water, al dan niet aangevuld met een op de oever aanwezig
terrein of een gedeelte daarvan, die is bestemd voor het
permanent afmeren van een voor woon-, bedrijfsmatige of
recreatieve doeleinden geschikt vaartuig;
nummeraanduiding: door het College als zodanig toegekende
aanduiding van een verblijfsobject, een standplaats, een
ligplaats;
openbare ruimte: door het College als zodanig aangewezen en van
een naam voorziene buitenruimte die binnen één woonplaats is
gelegen;
pand: kleinste bij de totstandkoming functioneel en
bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en
duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar
is;
rechthebbende: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die
krachtens eigendom, beperkt zakelijk recht of persoonlijk recht
als zodanig beschikking heeft over dan wel beheerder of
gebruiker is van een onroerende zaak op grond waarvan hij naar
burgerlijk recht bevoegd is om betreffende die zaak te
handelen;
standplaats: door het College als zodanig aangewezen terrein of
een gedeelte daarvan dat is bestemd voor het permanent plaatsen
van een niet direct en duurzaam met de aarde verbonden en voor
woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden geschikte
ruimte;
verblijfsobject: de kleinste binnen één of meerdere panden
gelegen en voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden
geschikte eenheid van gebruik die ontsloten wordt via een eigen
afsluitbare toegang vanaf de openbare weg, een erf of een
gedeelde verkeersruimte, die onderwerp kan zijn van
goederenrechtelijke rechtshandelingen en in functioneel opzicht
zelfstandig is;
wijk- en buurtindeling: een indeling van de gemeente in wijken
en buurten conform de eisen die het Centraal Bureau voor de
Statistiek aan deze indeling verbindt;
woonplaats: door het College als zodanig aangewezen en van een
naam voorzien gedeelte van het grondgebied van de gemeente;
wet BAG: Wet basisregistraties adressen en gebouwen.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening adresnaamgeving en -nummering 2010