De aanslagen moeten worden betaald in vijf gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de dagtekening van het aanslagbiljet. De overige termijnen volgen steeds een maand na de vorige termijn.
Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 1
Artikel 10
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2013