Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Belastingtijdvak

Onderdeel van Verordening Precariobelasting 2010

1.. In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak de periode waarvoor de vergunning is verleend, met dien verstande dat bij een kalenderjaaroverschrijdende geldigheidsduur van de vergunning het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar. 2.. In andere dan de in het eerste lid bedoelde gevallen, is het belastingtijdvak de aaneengesloten periode gedurende welke het belastbaar feit zich zal voordoen of heeft voorgedaan. 3.. Indien een belastingplichtige vóór het opleggen van de aanslag aannemelijk maakt gedurende welke kortere periode zich het belastbaar feit zal voordoen, zal het belastingtijdvak die kortere periode betreffen.

Rechtspraak bij dit artikel