1.Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een optocht,
niet zijnde een betoging
als bedoeld in artikel 2.1.3, op de weg te doen plaatsvinden.
De vergunning kan geweigerd worden in het belang van:
de openbare orde;
het voorkomen of beperken van overlast;
de verkeersveiligheid of veiligheid van personen of
goederen;
de zedelijkheid of gezondheid.
Het doen plaatsvinden van een optocht is van
vergunningverplichting vrijgesteld voor door de
burgemeester nader omschreven optochten, mits deze optocht uiterlijk
twee weken vóór de datum
waarop deze plaatsvindt schriftelijk bij de burgemeester is gemeld.
De burgemeester kan bij het
omschrijven van een optocht waarvoor de vrijstelling van de
vergunningplicht geldt,
voorschriften verbinden in het belang van:
de openbare orde;
het voorkomen of beperken van overlast;
de verkeersveiligheid of de veiligheid van personen of
goederen;
de zedelijkheid of de gezondheid.
De burgemeester kan, naar aanleiding van een melding
als bedoeld in lid 3, een aangemeld
optocht verbieden in het belang van:
de openbare orde;
het voorkomen of beperken van overlast;
de verkeersveiligheid of de veiligheid van personen of
goederen;
de zedelijkheid of de gezondheid.
Het is verboden een optocht te doen
plaatsvinden:
die door de burgemeester op grond van het bepaalde in lid 4
is verboden;
indien in strijd wordt gehandeld met de in lid 3 bedoelde
voorschriften;
indien aanwijzingen van politie, brandweer en
toezichthouders, geven in het belang van de
openbare orde en veiligheid, niet stipt en onverwijld worden
opgevolgd.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 1
Artikel 2.1.2
Optochten
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Schiedam 2010