Vrijgesteld van exploitatievergunningsplicht (behoudens uitbreiding
met of van een terras) zijn
horecabedrijven of-activiteiten in of behorend bij:
1.logiesverstrekkers, kantoren (bedrijfskantines), scholen, musea,
verzorgings- en
verpleegtehuizen, ziekenhuizen, rouwcentra en crematoria, voor zover
deze uitsluitend in gebruik
zijn of dienen ter ondersteuning van de bedrijfsvoering en dus zijn
gericht op personen die van de
hoofdfunctie gebruikmaken.
2.niet commerciële sport- en recreatieverenigingen en –stichtingen,
voor zover deze uitsluitend
in gebruik zijn of dienen ter ondersteuning van de doelstellingen
van de betreffende vereniging of
stichting en dus zijn gericht op leden, medebeoefenaars van de
betreffende discipline en
toeschouwers van wedstrijden en overige
verenigingsactiviteiten.
3.commerciële sport- en recreatieclubs, voor zover deze uitsluitend
in gebruik zijn of dienen ter
ondersteuning van de bedrijfsvoering en dus zijn gericht op personen
die van de hoofdfunctie
gebruikmaken, waarbij geen alcoholhoudende dranken worden
geschonken.
4.winkels als bedoeld in de Winkeltijdenwet waarin het verkopen van
etenswaren en/of
drinkwaren mede tot de hoofdactiviteiten van de bedrijfsvoering
behoort, alsmede
winkelondersteunende horecabedrijven met openingstijden tussen 07:00
uur en 22:00 uur, waarbij
geen alcoholhoudende dranken worden geschonken en een eventueel
bijbehorend terras direct aan
de voorgevel van het bedrijfspand is geplaatst en bestaat uit
maximaal 2 tafels (van 1m x 1m) en
4 stoelen/zitplaatsen, en het uiterlijk aanzien van het terras
voldoet aan geldende
welstandscriteria.
5.Het bepaalde in 2.3.2c is van overeenkomstige toepassing op de
exploitant/houder van de
horecabedrijven of -activiteiten als bedoeld in dit artikel.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 3
Artikel 2.3.3
Vrijstelling vergunningplicht
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Schiedam 2010